'Onvoorstelbaar dat dit in Nederland gebeurt'

Dakloze kinderen
‘Onvoorstelbaar dat dit in Nederland gebeurt’

Jaarlijks raken honderden Nederlandse gezinnen dakloos. Dat kinderen op zo’n moment gescheiden kunnen worden van hun ouders, is onacceptabel én onwettig, zegt jurist Mariëlle Bahlmann van Defence for Children.

‘Voor jou regelen we een bed in de nachtopvang. En je kinderen worden natuurlijk in een pleeggezin geplaatst. Je wilt toch zeker niet dat zij op straat belanden?’ Dat kreeg moeder Annemarie te horen toen ze zich meldde bij het buurtteam van de gemeente. Ze moest binnen een week met haar drie kinderen het huis uit omdat ze de huur niet meer kon betalen.

‘Dit soort situaties maken we regelmatig mee bij onze kinderrechtenhelpdesk,’ vertelt jurist Mariëlle Bahlmann. Soms krijgen dakloze ouders het dringende advies om hun kinderen aan te melden bij de crisisopvang en zichzelf bij de nachtopvang. De hulpverleners van de gemeente, met wie ze dit soort zaken bespreekt, geven meestal aan dat het beter is om dakloze kinderen apart van hun ouders op te vangen. Bahlmann: ‘Het verlies van het vertrouwde huis is al heel erg voor een kind. Als het ook nog zijn ouders kwijtraakt, is dat extra traumatisch.’

Oorzaken voor dakloosheid bij gezinnen

Schulden zijn de voornaamste reden waardoor gezinnen hun woning kwijtraken. Maar ook door scheiding, huiselijk geweld, illegale onderverhuur of het runnen van een wietplantage verliezen mensen hun huis.
Als jurist verbaast Bahlmann zich erover dat de meeste hulpverleners niet weten dat hun aanpak ook in strijd is met de wet. ‘Het Europese Hof voor de Rechten van de Mens zegt dat armoede nooit de enige reden mag zijn om een kind van zijn ouders te scheiden,’ legt Bahlmann uit. ‘“Tsja, dat is uw mening,” antwoorden hulpverleners soms. Maar dit is gewoon vaststaande rechtspraak!’

Sinds een jaar of twee kloppen gemiddeld zo’n twee keer per week dakloze gezinnen aan bij de kinderrechtenhelpdesk van Defence for Children, vertelt Bahlmann. ‘Daarvoor kregen we nauwelijks vragen over dakloosheid.’ Of het aantal dakloze gezinnen afgelopen jaren is toegenomen, weet ze niet. Volgens Aedes, de vereniging van woningcorporaties, waren in 2017 bij 370 huisuitzettingen kinderen betrokken. Maar het aantal gezinnen dat te maken heeft met (dreigende) dakloosheid is waarschijnlijk veel groter. In 2015 deed het Trimbos-instituut in opdracht van het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport onderzoek naar dakloosheid onder gezinnen. Daaruit bleek dat jaarlijks minstens 800 à 900 gezinnen dakloos worden.

Intrekken bij familie kost geld

Sinds de invoering van de ‘kostendelersnorm’, waarbij mensen een deel van hun uitkering verliezen als anderen bij hen intrekken, is het voor veel dakloze gezinnen lastiger geworden om onderdak bij familieleden te vinden. Toch worden dakloze gezinnen lang niet altijd toegelaten tot de sterk overbelaste maatschappelijke opvang. Bijvoorbeeld doordat de ouders het stempel ‘voldoende zelfredzaam’ krijgen. ‘Wij vinden dat ouders die hun kinderen geen dak boven het hoofd kunnen bieden, per definitie niet zelfredzaam zijn,’ zegt Bahlmann. ‘Zij zouden altijd toegelaten moeten worden tot de opvang.’

Slapen op mama’s werk

Bahlmann vertelt over een verpleegkundige met drie dochters van 4, 5 en 6 jaar. Na haar scheiding kon ze tijdelijk met de kinderen terecht in de koopwoning van een kennis. Toen het huis werd verkocht, stond ze met haar kinderen op straat. Ze had een urgentieverklaring, maar er was geen huurhuis beschikbaar. Ze kon niet terecht bij de maatschappelijk opvang en werd zonder hulp de straat op gestuurd. De vrouw was zo radeloos dat ze onbekenden op straat aansprak of ze een slaapplek hadden. Ook sliep ze een paar keer met haar dochters op haar werk. Bahlmann: ‘Je kunt je toch niet voorstellen dat dit in Nederland gebeurt?’

Ze maakt zich ook zorgen over gezinnen die worden weggestuurd omdat ze geen binding hebben met de gemeente waar ze zich melden. Bahlmann: ‘Vaak gaat dat om remigranten met de Nederlandse nationaliteit. Bijvoorbeeld mensen die een tijdje in Irak geweest zijn en dan toch weer terugkeren naar Nederland. Zoek het maar uit, is de boodschap die ze krijgen.’ Dat mag niet, want het is wettelijk vastgelegd dat de maatschappelijke opvang landelijk toegankelijk is: je mag je overal in Nederland aanmelden. De gemeente waar je je meldt moet voor de eerste opvang zorgen.

Te lang in onzekerheid

Gezinnen die wél zijn toegelaten tot de maatschappelijke opvang, verblijven daar vaak veel te lang: soms wel anderhalf jaar. Dat komt doordat in veel gemeenten geen betaalbare huurwoningen beschikbaar zijn. De opvang is voor kinderen allesbehalve een ideale omgeving: vaak ver van school en vriendjes, en behoorlijk stressvol. Bahlmann: ‘Ze zitten op elkaar gepakt met meerdere gezinnen, er is vaak ruzie. Ouders bemoeien zich met de opvoeding van elkaars kinderen en kinderen pesten elkaar. Er is niet altijd ruimte om te spelen of huiswerk te maken. Veel kinderen schamen zich en durven geen vriendjes uit te nodigen. Ook voelen ze zich vaak heel onzeker over hun toekomst: waar ben ik over een paar maanden? Kan ik op mijn school blijven? Waar ga ik wonen?’

Met name voor dakloze gezinnen die door een woningcorporatie uit hun huis zijn gezet is het moeilijk om nieuwe woonruimte te vinden. Dat komt door het gebruik van zwarte lijsten en verhuurdersverklaringen. Huurders die door de corporatie op een zwarte lijst zijn geplaatst, mogen gedurende een bepaalde periode geen nieuw huurcontract aangaan. Als de corporatie deel uitmaakt van een koepel, kunnen andere aangesloten corporaties deze huurders ook weren. Steeds vaker vragen corporaties ook om een verhuurdersverklaring van de vorige verhuurder. Als die negatief is, kan de corporatie de aspirant-huurder weigeren.
‘Al deze problemen hebben een enorme weerslag op kinderen’, vertelt Bahlmann. ‘Het verlies van je huis is heel ingrijpend, zeker als je jong bent. Vaak is het zelfs traumatisch. Als het vele maanden of zelfs jaren duurt voordat je weer een vaste plek hebt, veroorzaakt dat allerlei problemen zoals stress en buikklachten. Ook misselijkheid en angstaanvallen komen veel voor bij deze kinderen.’

Botsing met kinderrechten

Om de schade voor kinderen zoveel mogelijk te beperken, is het belangrijk dat bij (dreigende) dakloosheid rekening wordt gehouden met de rechten van kinderen, vindt Defence for Children. Bahlmann: ‘In ons contact met gezinnen en met de instanties waarmee deze gezinnen te maken krijgen, merken we dat daar nauwelijks naar wordt gekeken. Meestal staat het gedrag van de ouders centraal. Maar kinderen hebben ook eigen rechten.’
Die rechten zijn onder andere vastgelegd in het Kinderrechtenverdrag. Daarin staat dat het belang van het kind altijd een eerste overweging moet zijn als er een beslissing wordt genomen die het kind aangaat. Bahlmann: ‘Dat betekent bijvoorbeeld dat woningcorporaties de rechten van de kinderen moeten meenemen bij het al of niet gebruiken van zwarte lijsten of negatieve verhuurdersverklaringen.’

Het feit dat gezinnen met kinderen niet worden toegelaten tot de maatschappelijke opvang omdat de ouders zelfredzaam zijn, is ook in strijd met het Kinderrechtenverdrag. Bahlmann: ‘Bij het onderzoek naar zelfredzaamheid staat de positie van de ouders centraal. Ook hier wordt onvoldoende rekening gehouden met de rechten van kinderen die onder druk komen te staan.’ En tot slot is ook een verblijf van vele maanden in de maatschappelijke opvang in botsing met het Kinderrechtenverdrag: omdat dit niet bevorderlijk is – en soms zelfs schadelijk is – voor de ontwikkeling van kinderen. Bahlmann: ‘Het wordt hoog tijd dat woningcorporaties, gemeenten en hulpverleners ervan doordrongen raken dat de rechten van kinderen bij dakloosheid of dreigende dakloosheid altijd moeten worden meegewogen. Los van wat hun ouders hebben gedaan of nagelaten.’


GEEN GEZINNEN MEER OP STRAAT IN CAPELLE AAN DEN IJSSEL
Sinds de komst van het Meldpunt Woningontruiming, vijf jaar geleden, zijn in Capelle aan den IJssel geen gezinnen meer uit hun huis gezet. In 2014 sprak de gemeente met woningcorporatie Havensteder af dat ze hun uiterste best zouden doen om woningontruimingen van huishoudens met kinderen te voorkomen.
Als Capelse gezinnen een huurachterstand oplopen, krijgen ze binnen enkele maanden een huisbezoek van de woningcorporatie en vervolgens ook van maatschappelijk werk. De gezinnen krijgen hulp bij het op orde brengen van hun financiën, het opstellen van een plan van aanpak en een betalingsregeling. Ook wordt in de gaten gehouden of de betalingsregeling wordt nageleefd.

MEER INFORMATIE
Het boek Kinderrechten op straat. Problemen van kinderen in armoede op het gebied van onderdak en huisvesting van Mariëlle Bahlmann is gratis te downloaden op de website van Defence for Children. Hierin staat alle informatie over haar onderzoek en aanbevelingen voor gemeenten, woningcorporaties en hulpverleners rondom gezinnen.