Selecteer een pagina
De wereld van Harry Mens
Interview, Onze Wereld

Interview
De wereld van Harry Mens

Van zijn vader, bloembollenhandelaar te Lisse, erfde hij sociaal gevoel. Van zijn moeder hardheid en zakelijk talent. Door die combinatie gaat de sociale betrokkenheid van makelaar, projectontwikkelaar en presentator Harry Mens (58) nooit te ver. ‘Als ik het sociale overdrijf, roept een stemmetje: pas op, Harry, daar kun je geen brood van kopen.’

Dit najaar begint hij een tweede tv-programma, Breek de Week. Een ‘rechtse tegenhanger van Nova’ moet het worden. Balkenende en Marijnissen mogen komen, minister Van Ardenne niet. Ontwikkelingssamenwerking? Afschaffen, vindt Mens. Net als AOW voor miljonairs en de hypotheekaftrek voor huizen boven één miljoen. Zijn tip aan arme mensen: ‘Zorg dat je fit bent, dan blijf je niet arm.’

Harry Mens ontvangt zijn bezoek in Grand Hotel Huis ter Duin in Noordwijk, niet ver van Grand Café ’t Elfde Gebod, waar Business Class wordt opgenomen. In de lounge van Huis ter Duin bereidt hij zijn tv-programma’s voor. Doordeweeks bewoont hij een appartement naast het hotel, in het weekend is hij thuis bij zijn Marokkaans-Nederlandse vriendin en kinderen in Noordwijk-Binnen. Miljonair Mens zit er ontspannen bij, op het zonovergoten terras. Hij is milder geworden, zegt hij. Hoeft zijn successen niet meer zo nodig uit te venten. En windt zich ook niet meer zo snel op over de toestand van Nederland. In de bladen duikt hij nog maar sporadisch op. Is hij uitgekeken op het partycircuit? ‘Ik ben 58, ik kan nog veel maar ik moet mijn energie wat beter verdelen. Ik heb ook minder zin in al die mensen. Tegenwoordig hecht ik meer aan intimiteit.’

Over ouder worden gesproken. Voormalig premier Van Agt werpt zich ineens op als pleitbezorger van de Palestijnen. Ruud Lubbers ontpopt zich als armoedebestrijder. Heeft u ook zo’n verrassing in petto?

‘Ik denk het niet. Mijn wereldbeeld is niet veranderd. Iedereen laat zijn eigenbelang prevaleren. De heren politici net zo goed als zakenlui. Vertel mij wat. Ik heb met Clinton aan tafel gezeten, met Gorbatsjov, ik kom bij Pavarotti thuis. Allemaal net mensen, met al hun gebreken. Dus als ik Lubbers op Lowlands de jeugd zie toespreken, denk ik: die probeert zijn blazoen te zuiveren. Hij had daar niet gestaan als hij die vrouw niet in haar kont had geknepen. Figuren als Lubbers en Van Agt zijn verslaafd aan macht en aandacht. Met mezelf heb ik afgesproken: als ik stop, stop ik er ook echt mee.’

Voorlopig is dat nog niet het geval. U begint een nieuw politiek programma op RTL7.

‘Ja, Breek de Week wordt een echt politiek programma. Ik ga grote interviews maken met bewindslieden en oppositieleiders. Ik wilde een programma waarbij ik niet gehinderd wordt door sponsors, zoals in Business Class.’

U zet direct hoog in, door te zeggen dat Breek de Weekeen rechtse Nova wordt.

‘Is Nova zo’n instituut dan? Ik verbeeld me dat ik dat ook kan. Alleen, het type journalist zoals ik dat pretendeer te zijn, wordt niet gevraagd door de publieke omroep. Ze vinden me te rechts.’

U toont zich in Business Class niet bepaald een kritisch ondervrager.Gaat u dat in Breek de Week anders doen?

‘De helft van de gasten van Business Class koopt zich in. Mensen die ervoor betalen, willen daar ook naar worden behandeld. In mijn nieuwe programma kan ik kritischer zijn. Al is mijn karakter niet zo dat ik mijn gasten het mes op de keel zet. De eerste uitzending wil ik Balkenende interviewen.’

Wat wilt u hem vragen?

‘Hoe hij dat ervaart: elke dag in de krant lezen dat je er niet uit ziet, geen ballen hebt, een clown bent. Verschrikkelijk voor die man, hoe lang hou je dat vol?’

U betaalt de helft van de kosten van uw nieuwe programma zelf. Tamelijk uitzonderlijk in omroepland. Is de zucht naar erkenning zo groot?

‘Helemaal niet. Ik lees iedere dag zes kranten, het politieke spel boeit me. Andere mensen gaan naar het casino of hebben renpaarden. Laat mij lekker zo’n programma doen.’

Nodigt u minister Van Ardenne voor Ontwikkelingssamenwerking ook uit?

‘Die hoeft voor mij niet te komen. Die vrouw heeft de uitstraling van een tweedehands ambtenaar. Ze hééft het gewoon niet. Geef mij maar Jan Marijnissen, daar heb ik respect voor. Hij is regelmatig te gast in Business Class. Een gedreven man met een eerlijke inborst. Alleen, hij preekt voor de verkeerde kerk.’

Wat vindt u van Van Ardennes vakgebied ontwikkelingssamenwerking?

‘Dat hoort niet bij de overheid. Dat hoort bij de kerken. Laat dat toch aan de missionarissen en de dominees over. Ik zeg niet dat je ontwikkelingslanden niet moet helpen. Ik vind dat het spontaan en vrijwillig moet gebeuren.’Terug naar de jaren vijftig dus.

Ik dacht dat de pater die toen vanuit Lisse missie bedreef, weinig warme gevoelens bij u opriep?

‘Ik was veertien, ik zal het nooit vergeten. Mijn broers en ik hielden op zondag een wedstrijdje bloembollen verkopen. Het regende, ik was zeiknat en had gewonnen: ruim 37 gulden verdiend. Toen mijn vader thuiskwam, stopte hij dat geld in een doorzichtig zakje. “Pater Van Dongen vertrekt morgen naar de missie in Afrika”, zei hij. “Je kunt het nog net meegeven.” Ik heb gestampvoet. Mijn zuurverdiende geld naar Afrika. Nu vind ik het wel mooi. Het gevoelsleven van mijn vader was goed op peil. Hij was superkatholiek, vreselijk zuinig en socialer dan ik ooit zal worden. Hij had wel 23 vrijwillige baantjes. Heel mooi, maar toen hij op zijn 51ste overleed, zag ik dat zijn idealisme weinig opleverde. Het zand lag nog niet op de kist of de notabelen keerden mijn moeder de rug toe.’

U bent harder en zakelijker, net als uw moeder, schreef u in uw boek Als een Mens iets wil.

‘Ik heb wel een stukje van mijn vaders betrokkenheid meegekregen. Maar als ik het sociale overdrijf, roept een stemmetje: pas op, Harry, daar kun je geen brood van kopen.
Toen ik zeventien was en mijn vader stierf, hadden we niets. Ik was de oudste van zeven kinderen. In één klap was ik tien jaar ouder. Ik ben met nul begonnen, gelukkig had ik zakelijk talent. Ik heb mijn kapitaal op eigen kracht bij elkaar verdiend.’

Zodra u genoeg geld had kocht u een Jaguar en een mooi schip.

‘Dat doet iedere jonge man die geld in zijn zak heeft. Ik doe nu veel langer met een auto dan vroeger.’Hoe lang doet u al met uw Bentley?

‘Alweer een jaartje of vier. Tegenwoordig fiets ik ook veel. En ik pak regelmatig de trein. Veel leuker. Je komt mensen tegen, je hoort wat er speelt en je praat eens over je programma. Balkenende zou ook eens met de trein moeten. Maar ik maak geen grote treinreizen, hoor. Hooguit naar Den Haag, Utrecht en Amsterdam.’

Als u verder moet, pakt u liever de helikopter?

‘Als ik erg ver weg moet, maak ik wel eens gebruik van een helikopter. Ik heb nu eenmaal een vreselijke hekel aan autorijden.’

Wat geeft u aan het goede doel?

‘Ik ga niet koketteren met wat ik allemaal doe. Maar vooruit. Ik steun pater Noordermeer in Tahiti. Die man komt uit mijn eigen dorp, één keer per jaar komt hij over. Dan gaan we een dagje op stap en geef ik hem een fors bedrag. Tien, vijftienduizend euro. Vind ik leuk. Hij bouwt er een schooltje van en ik weet dat het goed terechtkomt. Dat kun je van veel ontwikkelingshulp niet zeggen. Voor de tsunami is honderd miljard opgehaald. Ik weet zeker dat de Indonesische gezagsdragers het in eigen zak steken. Ik heb ook nog een pater in Den Haag, die ik af en toe steun. Mijn broers is arts, pas had hij een apparaat nodig dat niet werd vergoed. Heb ik die 25000 euro betaald. Ik durf te zeggen dat ik eerder honderdduizend per jaar weggeef dan vijftigduizend. Laat anderen dat ook maar eens doen.’

U was indertijd ook voorstander van de Robin Hood-heffing, een ideetje van GroenLinks-Kamerlid Ineke van Gent.

‘Ik ben voor meer eigen verantwoordelijkheid, maar de echte zwakkeren moet je helpen.’

Geen fijn idee voor de meeste mensen: afhankelijk zijn van de goedertierenheid van de rijken.

‘Ze zijn niet afhankelijk. Ze hoeven er niets voor terug te doen. Natuurlijk, als ik het een jaar wat minder heb, hou ik de knip dicht. Maar als ik een klappertje maak, in financieel opzicht, ben ik heel toegankelijk.’

U heeft een groot talent voor geld verdienen. Heeft u tips voor arme mensen?

‘Zorg dat je fit bent, dan blijf je niet arm. Ga vroeg naar bed en sta ’s ochtends vroeg op. Dan heb je energie om creatief te zijn. Zelf lig ik er vaak al om half negen in. De mentaliteit moet veranderen, vind ik. Hoeveel mensen zijn er niet die om vijf uur thuiskomen en voor de tv gaan liggen met een zak chips en een krat bier? Je kan ook zeggen: ik pak nog een krantenwijk, ik ga er nog even tegenaan om de laatste duizend euro ook op te halen. Ik bedoel: armoede zit vaak ook tussen de oren. Ik heb het niet over moeders met twee kinderen die in de steek zijn gelaten en van achthonderd euro rond moeten komen. Die hebben het moeilijk, daar heb ik alle begrip voor.’

En Afrikanen die van pakweg twee dollar per dag moeten rondkomen?

‘Je moet niet vergeten, twee dollar in Afrika is meer dan in Noordwijk aan Zee. Wij moeten kachels stoken, in Afrika heb je de zon gratis. Een kilo rijst kost hier twee euro en daar misschien twee cent. Dus met die twee dollar in Afrika hebben mensen het daar misschien veel gezelliger dan met 800 euro hier.’ Jij hebt makkelijk praten, zegt iedereen, maar ik ben ook met niks begonnen. Mensen hebben niet zoveel nodig, veel behoeftes worden gecreëerd. Kom eens in mijn flatje kijken. Daar liggen een pak crackers, van het bakkertje hier, en een paar tomaten. Verder niets. Geen alcohol, geen chippies.’

Geeft u deze lessen ook mee aan uw kinderen?

‘Mijn dochter Sarah van elf zeurt al een halfjaar over een nieuwe fiets. Ze heeft vorig jaar net een nieuwe gehad. Hele gevechten heb ik erover, want ze is een drammertje, net als ik. Ik heb gezegd: als je straks een heel goed rapport hebt, denk ik er nog eens over na. Ze moet voelen dat ze er iets voor moet doen. Arbeid adelt.’

Uw vriendin Mona, de moeder van uw twee jongste kinderen, is Marokkaanse. Heeft dat uw kijk op de wereld veranderd?

‘Ik ben nooit met haar mee geweest naar Marokko, daar zie ik niets in. Maar het is leuk om bij een Marokkaanse familie in de keuken te kunnen kijken. De broer van mijn vriendin kon geen Hollandse vrouw op de kop tikken. De familie in Marokko wist nog wel ergens een keurig meisje te wonen. Hij ernaartoe. Na drie dagen wist hij: dit is het. Mijn vriendin en haar zusters waren des duivels, maar hij heeft haar toch hierheen gehaald. Ze hebben het precies tien weken uitgehouden, ze is maagdelijk weer teruggegaan.
Mijn kinderen zijn zo Hollands als de pest. Ze hebben mooie Arabische neuzen, maar mijn haar. Soms daag ik ze uit: hé Marokkaantjes. Kunnen ze lekker tegengas geven.
Ach, je hebt ze in alle gradaties. Ik geef gastcolleges aan de Erasmus Universiteit. Op een zaal van duizend mensen zitten vaak wel driehonderd Marokkaanse meisjes. De kerels zie je niet, die zijn lui. De Marokkaanse vrouw integreert veel beter dan de man.’

Er zijn ook heel wat Marokkaanse vrouwen die het huis niet uit mogen

‘Mijn vriendin is gisteren nog naar de modeshow van Frans Molenaar geweest. Dus dat valt wel mee. Je moet natuurlijk geen Marokkaanse man trouwen.’

U noemt Nederland vaak een benauwd landje. Moet u niet naar het buitenland?

‘Ik ben heel trots op ons kleine landje dat het zo ver geschopt heeft. Met het calvinisme heb ik moeite, maar ik zal nooit naar het buitenland vertrekken. Ook niet vanwege de belastingen. Ik wil graag meebetalen aan de dijken en de lantarenpalen. Al die Nederlanders die hier rondrijden met een Belgisch nummerbord, daar heb ik een heel slecht gevoel bij. Net als bij die steenrijke oudjes die AOW trekken. Dat meneertje aan het tafeltje verderop bezit vijftig miljoen en int doodleuk AOW.’

Hoe is het met uw politieke ambities?

‘Als er ooit een gekozen minister-president komt, zou ik me nog wel eens kandidaat willen stellen. Why not? Ik durf me wel te meten met Balkenende. Mijn eerste maatregel zou zijn: geen AOW meer voor miljonairs. De hypotheekaftrek voor huizen boven 1 miljoen euro zou ik ook afschaffen. Geen politieke partij die dat durft te roepen. Men heeft geen ballen, dat is het.’


Harry Mens (1947) begon als handelaar in bloembollen, maar vergaarde zijn fortuin als makelaar. Hij haalde Pavarotti naar Nederland, en streefde een carrrière in de politiek na, maar werd door Frits Bolkestein de deur gewezen bij de VVD. Hij was bevriend met Pim Fortuyn en een van de financiers van diens politieke plannen. Sinds 1999 presenteert hij het televisieprogramma Business Class.